Nieuwsbrief voor overheden

Bij de belangenafweging in het kader van de vraag of en, zo ja, in welke mate het gerechtvaardigde vertrouwen van een ambtenaar dat een toelage deel is gaan uitmaken van zijn bezoldiging moet worden gehonoreerd, kan worden betrokken de duur van de periode dat een ambtenaar de toelage heeft ontvangen. 

Een medewerker van het ministerie van Justitie en Veiligheid (hierna: ambtenaar) wordt gedetacheerd naar de informatievoorzieningsdienst van een andere overheidsorganisatie en ontvangt daarvoor jarenlang een toelage van € 600,- bruto per maand op grond van artikel 22a van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 (BBRA). Na afloop van de detacheringsperiode treedt de ambtenaar bij deze organisatie in dienst en behoudt daarbij zijn toelage. Een aantal jaren later wordt de toelage ingetrokken en de ambtenaar krijgt in lijn met artikel 18b van het BBRA gedurende 36 maanden een afbouwtoelage.

Het oordeel van de rechtbank dat de ambtenaar erop mocht vertrouwen dat de toelage deel is gaan uitmaken van zijn bezoldiging, is in hoger beroep niet bestreden. De Centrale Raad heeft zich daarom toegespitst op de vraag of en, zo ja, in welke mate het gerechtvaardigde vertrouwen van de ambtenaar dat de toelage deel is gaan uitmaken van zijn bezoldiging moet worden gehonoreerd, in die zin dat de ambtenaar ook na de intrekking van de toelage en toekenning van een afbouwtoelage aanspraak is blijven houden op de volledige toelage.

De Centrale Raad oordeelt dat de minister niet in redelijkheid tot intrekking en afbouw van de toelage heeft kunnen overgaan. Het belang van gelijke beloning van functies van gelijk niveau weegt in dit geval, gelet op de duur van de periode dat de ambtenaar de toelage heeft ontvangen, niet op tegen het belang van de ambtenaar bij het behoud van de toelage. Voorts overweegt de Centrale Raad dat uit de gedingstukken blijkt dat –anders dan de minister stelt- de toelage aan de ambtenaar niet aan zijn detachering was gekoppeld. De Centrale Raad heeft aannemelijk geacht dat de toelage aan de ambtenaar welbewust is toegekend omdat de ambtenaar van toegevoegde waarde voor de nieuwe organisatie werd gezien. Bovendien hebben de afspraken over de toelage de ambtenaar over de streep getrokken de overplaatsing naar deze organisatie te accepteren. Niet is aannemelijk gemaakt dat zich in de omstandigheden die aanleiding gaven de ambtenaar een toelage toe te kennen, sedert die toekenning, een wezenlijke wijziging heeft voorgedaan.

CRvB 22 maart 2018, www.rechtspraak.nl: ECLI:NL:CRVB:2018:847   

Door Najima Khan

"

Actualiteiten overzicht