Nieuwsbrief voor overheden

De Afdeling bevestigt de nieuwe jurisprudentielijn dat de aanvrager van een omgevingsvergunning voor het realiseren van een bouwplan als belanghebbende bij die aanvraag wordt aangemerkt, tenzij aannemelijk is gemaakt dat het bouwplan niet kan worden verwezenlijkt. De Afdeling verlaat daarmee uitdrukkelijk het criterium dat aannemelijk moet zijn dat het bouwplan nimmerkan worden verwezenlijkt.

 

Casus
De aanvrager heeft verzocht om een omgevingsvergunning voor het plaatsen van drie balkons aan een pand. Het pand bestaat uit meerdere appartementen op meerdere verdiepingen. Het bouwplan omvat de bouw van drie balkons bij meerdere appartementen van het pand. De appellant woont op de begane grond van het pand en vreest dat de balkons zullen leiden tot een vermindering van de lichtinval in zijn woning en de achtergelegen tuin en een aantasting van zijn privacy.

   

In beroep stelt hij, onder andere, dat de aanvrager geen belanghebbende is bij zijn verzoek om een omgevingsvergunning, omdat hij niet de eigenaar is van een van de appartementen waar een balkon is voorzien en de aanvrager ook niet namens deze eigenaar optreedt. Uit een verklaring van de eigenaren van dit appartement blijkt dat zij een balkon bij hun appartement nooit hebben gewenst en hiervoor ook nooit toestemming hebben gegeven.


Geschil

Centraal staat de vraag of de aanvrager belanghebbende is bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het plaatsen van drie balkons aan het pand, bestaande uit meerdere appartementen met verschillende eigenaren. 

Wettelijk kader
Artikel 1:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb), luidt: "Onder aanvraag wordt verstaan: een verzoek van een belanghebbende, een besluit te nemen."

Artikel 1:2, eerste lid, van de Awb luidt: "Onder belanghebbende wordt verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken."

Beoordeling

Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (ECLI:NL:RVS:2017:2002), wordt degene die verzoekt om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk in beginsel verondersteld belanghebbende te zijn bij een beslissing op het door hem ingediende verzoek. Dit is anders indien aannemelijk wordt gemaakt dat het bouwplan niet kan worden verwezenlijkt. Het criterium is dus niet meer dat aannemelijk moet zijn dat het bouwplan nimmer kan worden verwezenlijkt. Dit was nog wel het geval ten tijde van de uitspraak van de Afdeling van 17 juli 2013, ECLI:NL:RVS:2013:375, waar de rechtbank naar heeft verwezen.

De Afdeling oordeelt dat uit de door de appellant overgelegde verklaring van de eigenaren van het appartement , aannemelijk is geworden dat het bouwplan niet kan worden verwezenlijkt. Bovendien is door de aanvrager geen enkel stuk overgelegd waaruit blijkt dat hij wel toestemming heeft om het balkon te bouwen.

Het verzoek om een omgevingsvergunning van de aanvrager is daarom geen aanvraag als bedoeld in artikel 1:3, derde lid, van de Awb.

    
ABRvS 15 augustus 2018, www.rechtspraak.nl: ECLI:NL:RVS:2018:2717

Door Najima Khan

"

Actualiteiten overzicht