Nieuwsbrief voor overheden

De zogenoemde ladder voor duurzame verstedelijking moet worden toegepast als een bestemmingsplan (of een ander ruimtelijk plan) wordt opgesteld voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling en is neergelegd in artikel 3.1.6, lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Per 1 juli 2017 wijzigt de ‘ladder’.

De gewijzigde ladder voor duurzame verstedelijking is per 1 juli 2017 opgenomen in artikel 3.1.6, lid 2 t/m 4 van het Bro en luidt:

“2. De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.

3. Indien in een bestemmingsplan als bedoeld in het tweede lid toepassing is gegeven aan artikel 3.6, eerste lid, onder a of b, van de wet kan bij dat bestemmingsplan worden bepaald dat de beschrijving van de behoefte aan een nieuwe stedelijke ontwikkeling en een motivering als bedoeld in het tweede lid eerst wordt opgenomen in de toelichting bij het wijzigings- of het uitwerkingsplan als bedoeld in dat artikel.

4. Een onderzoek naar de behoefte als bedoeld in het tweede lid, heeft, in het geval dat een bestemmingsplan als bedoeld in het tweede lid, ziet op de vestiging van een dienst als bedoeld in artikel 1 van de Dienstenwet en dit onderzoek betrekking heeft op de economische behoefte, de marktvraag of de beoordeling van de mogelijke of actuele economische gevolgen van die vestiging, slechts tot doel na te gaan of de vestiging van een dienst in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.“

De volgende veranderingen zijn met name relevant:

  • de derde ‘trede’ (als een ontwikkeling buiten het bestaand stedelijk gebied is voorzien, moet toegelicht worden dat de betrokken locatie goed bereikbaar is) is komen te vervallen;
  • het begrip “actuele regionale behoefte” is vervangen door “behoefte”;
  • wanneer een bestemmingsplan voorziet in uitwerkingsplichten of wijzigingsbevoegdheden kan bij dat bestemmingsplan worden bepaald dat de toets aan de ladder pas moet worden verricht in het kader van de vaststelling van het uitwerkings- of wijzigingsplan.

De Afdelingsjurisprudentie zal verder in grote mate bepalend zijn voor de praktische uitwerking van de aangepaste ladder.

Staatsblad 2017-182, Besluit van 21 april 2017 tot wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening in verband met de aanpassing van de ladder voor duurzame verstedelijking

Door Ad Schreijenberg

"

Actualiteiten overzicht