Nieuwsbrief voor overheden
Een belanghebbende had bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zundert een verzoek tot handhaving van het bestemmingsplan ‘Parc Patersven’ ingediend. Volgens hem werd er op meerdere kavels op het recreatiepark Parc Patersven ten onrechte permanent gewoond.
Het lukte het college niet om tijdig te beslissen op dit verzoek, zodat het dwangsommen verbeurde. De vraag was hoeveel dwangsommen het college had verbeurd.
De rechtbank oordeelde dat er op het park ten aanzien van 100 gevallen was geconstateerd dat er sprake was van bewoning in strijd met het bestemmingsplan. Volgens de rechtbank had het college daarom 100 besluiten moeten nemen en had het 100 dwangsommen verbeurd wegens het niet tijdig beslissen. Dat kwam neer op een totaalbedrag van € 126.000,--.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak en met succes.
De Afdeling oordeelt dat verzoeker één verzoek heeft ingediend, één ingebrekestelling heeft verstuurd en één bezwaarschrift. Verder overweegt de Afdeling dat het in alle 100 gevallen gaat om dezelfde overtreding van hetzelfde bestemmingsplan. Gelet hierop oordeelt de Afdeling dat een redelijke toepassing van artikel 4:17 Awb met zich meebrengt dat slechts één dwangsom is verbeurd.
In plaats van € 126.000,-- hoeft de gemeente dus slechts € 1.260,-- te betalen.
ABRvS 15 juni 2016, www.rechtspraak.nl: ECLI:NL:RVS:2016:1675
Door mr. C.J. IJdema
"