Nieuwsbrief voor overheden

De gemeente heeft een professionele rechtshulpverlener, die een ambtelijk medewerker twee keer voor ‘pias’ had uitgemaakt tijdens een ambtelijke hoorzitting in het gemeentehuis, maatregelen opgelegd. De gemeente heeft onrechtmatig gehandeld jegens deze rechtshulpverlener door maatregelen op te leggen die in strijd zijn met het agressieprotocol van de gemeente. Bovendien zijn de opgelegde maatregelen onevenredig zwaar in verhouding tot de ernst van het norm overschrijdende gedrag.

Een gemachtigde, een professionele rechtshulpverlener, heeft een ambtenaar tijdens een hoorzitting tot twee keer toe uitgescholden voor ‘pias’. De gemachtigde wil zijn woorden niet terug nemen. Daarop stuurt de gemeente aan de gemachtigde een brief met de mededeling dat de betiteling ‘pias’ wordt opgevat als een neerbuigende vorm van intimidatie. De weigering om dit te corrigeren wordt de gemachtigde zeer kwalijk genomen. Dit is beledigend en agressief. Daarom wordt aan de gemachtigde voor onbepaalde tijd de toegang tot het gemeentehuis ontzegd; directe dienstverlening aan deze gemachtigde wordt opgeschort teneinde ambtenaren en bestuurders te vrijwaren van directe contacten met deze gemachtigde. Deze sommeert de gemeente om de maatregelen per direct op te heffen en de gemeente wordt ook aansprakelijk gesteld.

De rechtbank Oost-Brabant stelt voorop dat van een professionele rechtshulpverlener mag worden verwacht dat hij zich fatsoenlijk en professioneel opstelt. Dat heeft deze gemachtigde niet gedaan. Daarbij komt dat de gemachtigde zijn uitlating deed als gemachtigde van een burger die al jarenlang stelselmatig klachten heeft geuit en dat de gemeente zich al jaren inspant om de verhoudingen met deze burger te normaliseren. Ook in dat licht bezien had van de gemachtigde mogen worden verwacht dat hij zich niet op een beledigende wijze zou uiten tegenover de ambtenaar.

Is dit agressief gedrag? Ja, want dit was gericht op het teweegbrengen van onlustgevoelens bij de ambtenaar en dat is voldoende om dit gedrag aan te merken als agressie in de zin van het agressieprotocol.

Dit protocol onderscheidt echter een aantal maatregelen en sancties: het ordegesprek, de toegangsbeperking en de opschorting of staking van de dienstverlening. In het protocol is een escalatiemodel beschreven dat moet worden gevolgd ter bevordering van een zorgvuldige afweging. De rechtbank stelt vast dat de gemeente zich niet heeft gehouden aan dit escalatiemodel, om te beginnen doordat niet eerst een ordegesprek is gehouden waarin de toegangsbeperking met licht regiem is opgelegd. De gemeente heeft in dit geval meteen zware maatregelen opgelegd.

Dit betekent dat de gemeente aansprakelijk is voor geleden schade.  De conclusie is dat in het agressieprotocol een beleid is vastgelegd dat dient te worden gevolgd. Daar kan de gemeente niet ‘zo maar’, handelend naar bevind van zaken van afwijken!

Opgemerkt wordt dat in artikel 2:2 Awb is bepaald dat een bestuursorgaan bijstand of vertegenwoordiging door een persoon tegen wie ernstige bezwaren bestaan, kan weigeren. Ook de bestuursrechter kan vertegenwoordiging door een persoon tegen wie ernstige bezwaren bestaan, weigeren op grond van artikel 8:25 Awb. Het bewandelen van dit pad leidt tot een beschikking en dus tot een besluit van de bestuursrechter. Dat is wellicht een pad dat ook gevolgd kan worden. Het risico van aansprakelijkheid wordt vermeden indien aan de rechter wordt verzocht vertegenwoordiging te weigeren,  al zal de weigering van vertegenwoordiging niet snel zijn toegestaan. Een en ander is overigens niet van toepassing op advocaten: tegen advocaten kan tuchtrechtelijk worden geklaagd en in voorkomend
geval van agressie c.q. ernstige bezwaren kan het bewandelen van dit pad mogelijk ook leiden tot een passende sanctie.

Rb Oost-Brabant 7 februari 2018, www.rechtspraak.nl: ECLI:NL:RBOBR:2018:540

Door Rikkert Hoekstra

"

Actualiteiten overzicht