Nieuwsbrief voor overheden
Gemeente vordert bij de civiele rechter in kort geding schorsing van de tenuitvoerlegging van een besluit van een stichting in het openbaar onderwijs tot sluiting van een nevenvestiging of school.
De gemeente Capelle aan den IJssel verzet zich tegen de sluiting van een nevenvestiging van een stichting tot het instandhouden van openbare scholen. Zij stelt de vordering niet alleen in tegen de stichting, maar ook tegen haar bestuurder.
De voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam wijst de vorderingen af. Het gaat om het besluit van de stichting om de nevenvestiging te sluiten per 1 augustus 2017. Dit is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Immers, aan een openbare scholen-stichting is de bevoegdheid overgedragen tot het instandhouden van openbare scholen, zodat een dergelijke stichting het bevoegd gezag is.
De gemeente betoogt dat de stichting nimmer de indruk heeft gewekt Awb-besluiten te nemen. Overwogen wordt echter dat het gaat om de materiële status en niet om het juridische etiket. Het ontbreken van bijvoorbeeld een rechtsmiddelenclausule maakt niet dat het niet gaat om een Awb-besluit.
De gemeente voert aan dat het niet gaat om het besluit zelf, maar om de uitvoering daarvan, dus een feitelijke handeling, maar de voorzieningenrechter overweegt dat het besluit niet te scheiden valt van de feitelijke uitvoering daarvan.
De voorzieningenrechter overweegt verder dat de bestuurder van de stichting niet kan worden aangesproken. De gemeente betoogt dat zij door de dagvaarding van de bestuurder beoogt te garanderen dat het vonnis ten uitvoer kan worden gelegd, maar dat is volgens de voorzieningenrechter een al enkele decennia achterhaald concept. Vanwege misbruik van procesrecht wordt de gemeente veroordeeld in de proceskosten voor dit kort geding ad € 5.750,-, te vermeerderen met 7,5% kantoorkosten, BTW en griffierecht.
Dit is een voorbeeld van hoe het niet moet!
Rb Rotterdam 26 april 2017, www.rechtspraak.nl: ECLI:NL:RBROT:2017:3349
Door Rikkert Hoekstra
"